|
|
|
schrijf bericht
|
|
|
|
|
|
Pionieren
|
|
De kruissjorring
|
De meest gebruikte sjorring is de kruissjorring. Deze gebruik je als je twee balken kruislings met
elkaar wilt verbinden.
Je begint met het maken van de mastworp. Vervolgens sla je het touw kruislings om de balken zoals je
hieronder ziet. Zorg dat je aan de voorkant altijd aan de buitenkant van het al gelegde touw langsgaat
en aan de achterkant aan de binnenkant. Je krijgt dan een goede draaiing in de sjorring zodat je met het
woelen de sjorring goed strak kunt aantrekken.

Als je ongeveer drie keer rond bent geweest ga je woelen. Dit is het om de sjorring heen draaien van
het touw. Het woelen is het belangrijkste onderdeel van de sjorring! Zorg dan ook dat je het touw altijd
strak houdt en het niet weer los slipt.

Nu komt het moeilijkste onderdeel van de sjorring, de eindmastworp. Deze mastworp moet altijd zo dicht
mogelijk bij de sjorring zelf zitten en het liefst ook direct beginnen na de laatste woeling. Sjorringen
gaan altijd werken en als je de eindmastworp te ver van de sjorring af hebt wordt hij door de krachten
op de sjorring weer losgetrokken met alle gevolgen van dien!
|
|
De steigersjorring
|
Als je een hele lange paal nodig hebt, maar die is niet beschikbaar dan kun je een bestaande paal
verlengen door er een tweede aan vast te maken. Dit moet je wel op de goede manier doen, anders krijg je
geen stevige constructie. Je gebruikt hiervoor de steigersjorring. Naast twee palen en een touw heb je ook
nog twee wiggen nodig.
Zorg ervoor dat de palen elkaar genoeg overlappen. Bij palen van vier meter moet je ze bijvoorbeeld wel
een meter laten overlappen om voldoende stevigheid te krijgen. Je begint de sjorring niet met het begin
van het touw, maar in het midden. Je windt het touw om de twee balken heen, waarbij je ervoor zorgt
dat de touwen elkaar om en om kruisen (zie tekening).

Eindig de sjorring met een platte knoop. Hierna moet je om de sjorring stevigheid te geven er nog een
wig in slaan. Om de sjorring nog steviger te maken kun je het touw ook eerst nat maken. Touw krimpt als
het opdroogt en dit zorgt ervoor dat de sjorring nog strakker wordt. Bedenk wel dat je de knoop
waarschijnlijk niet meer los krijgt als je de sjorring met nat touw hebt gemaakt. Het natmaken werkt ook
alleen maar met natuurlijk touw, niet met kunststof.

|
|
|
|
De diagonaalsjorring
|
Deze sjorring wordt gebruikt om twee balken aan elkaar te verbinden die niet ten opzichte van elkaar
mogen bewegen. Denk maar aan een kruis van twee palen in een toren. Om ervoor te zorgen dat het kruis
ook echt als versteviging werkt verbind je de twee balken in het midden met een diagonaalsjorring.
Je begint de diagonaalsjorring met een timmersteek. Vervolgens wind je het touw een aantal keren om de
twee balken. Daarna wind je het touw in de andere richting om de twee balken. Als laatste ga je weer woelen.
Zorg er ook hier weer voor dat je het touw bij het woelen strak houdt, anders wordt je sjorring niet stevig.

|
|
De achtvormige sjorring
|
Als je een drie of vierpoot wilt maken heb je de achtvormige sjorring nodig. Deze zorgt ervoor dat de
palen stevig aan elkaar zitten, maar wel kunnen draaien om de poten uit elkaar te kunnen zetten.

Zoek voor de drie of vierpoot het liefst palen van ongeveer gelijke lengte. Leg de palen naast elkaar
en zorg dat de onderkanten gelijk liggen. Het is handig om onder de bovenkant een klein piketje te leggen
om het sjorren te vergemakkelijken.

Je begint de achtvormige sjorring met een mastworp aan een van de buitenste palen. Vervolgens ga je het
touw tussen de palen doorvlechten. Dit doe je een keer of drie, waarna je tussen de palen gaat woelen.
Voor een driepoot moet je dus op twee plekken woelen en voor een vierpoot op drie plekken.

De sjorring eindig je weer met een mastworp en je drie of vierpoot is klaar.
|
|
|
|
|
|
|
|